Dit artikel beschrijft de opkomst van de ‘agent’ in de zeventiende eeuw.Meer specifiek komen de agenten aan bod die vanuit de Republiek hun opdrachtgevers bedienden,die zich voornamelijk buiten de Republiek bevonden. Aan de hand van de agency theory betoogtFeringa dat het ontstaan van het fenomeen agent primair een economisch verschijnsel is.De positie van de agent bewoog zich tussen die van ondernemer of cliënt, afhankelijk hetkarakter van de relatie die hij met zijn opdrachtgever(s) onderhield en de aard van de activiteiten die hij verrichtte.

Additional Metadata
Publisher Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid
Journal Tijdschrift voor Mediageschiedenis
Rights Auteursrecht van ieder artikel berust bij de auteur en wordt met toestemming van de auteur gepubliceerd. Indien een artikel is geaccepteerd voor publicatie gaat de auteur akkoord met een Creative Commons licentie Creative Commons Attribution-Noncommercial-No Derivative Works 3.0 Netherlands License
Note Tijdschrift voor Mediageschiedenis; Vol 18, No 1 (2015): Tijdschrift voor Mediageschiedenis; 5-26
Citation
Feringa, Jan. (2015). De petten van de agent. Opkomst en ontwikkeling van de nieuwsagent in de Republiek der Nederlanden, 1600–1795. Tijdschrift voor Mediageschiedenis, 18(1), 5–26.

Additional Files
cover.jpg Cover Image , 195kb